Vrijstelling overdrachtsbelasting geldt niet voor gemeentelijke monumenten

Geplaatst op: 01-02-11

Wetsartikelen: Art. 15 lid 1 onderdeel p, Wet BRV
Rechtbank Arnhem 27 juli 2010, 10/02504, LJN BO9496

Rechtbank Arnhem 27 juli 2010, 10/02504, LJN BO9496
Wetsartikelen: Art. 15 lid 1 onderdeel p, Wet BRV

Aan belanghebbende is bij akte van verdeling van 28 mei 2009 de helft van de onroerende zaak te Z toebedeeld. Deze onroerende zaak is een gemeentelijk monument. Belanghebbende heeft op grond van deze verkrijging overdrachtsbelasting voldaan. In geschil is of belanghebbende recht heeft op toepassing van de vrijstelling overdrachtsbelasting van art. 15, lid 1, onder p, Wet BRV.
Rechtbank Arnhem oordeelt dat de vrijstelling alleen geldt voor rijksmonumenten en niet voor gemeentelijke monumenten. Naar het oordeel van de rechtbank heeft de wetgever zijn ruime beoordelingsvrijheid niet overschreden door gemeentelijke monumenten anders te behandelen dan rijksmonumenten. Volgens de rechtbank is van rechtens en feitelijk gelijke gevallen geen sprake. Ook wijst de rechtbank erop dat de regels die gelden voor de aanwijzing van gemeentelijke monumenten per gemeente kunnen afwijken en dat het dus kan voorkomen dat dezelfde onroerende zaak in de ene gemeente wel voor aanwijzing als gemeentelijk monument in aanmerking komt en in de andere gemeente niet. Bij rijksmonumenten kan dit zich niet voordoen omdat de regels die hiervoor gelden voor iedereen gelijk zijn.
(Beroep ongegrond.)
 

Stuur deze pagina door

Gemarkeerde velden zijn verplicht.

De volgende velden zijn onjuist:

  •  

Gemarkeerde velden zijn verplicht.