Amerikaanse inwoner van Canada heeft geen recht op toepassing Verdrag Nederland – Verenigde Staten
Geplaatst op: 16-08-11
Rechtbank Breda 10 juni 2011, 10/02672, LJN BR1497
Wetsartikelen: Art. 4, Verdrag Nederland-Verenigde Staten
Belanghebbende heeft de Amerikaanse nationaliteit en woont sinds december 2005 in Canada. In 2007 heeft hij enkele maanden in Nederland voor een universiteit gewerkt. Vanaf april 2007 ontvangt belanghebbende een AOW-uitkering en pensioen, waarvoor hij in zijn aangifte IB/PVV over het jaar 2007 om voorkoming van dubbele belasting heeft verzocht in de zin van volledige vrijstelling van het inkomen. De inspecteur heeft echter het pensioen en de AOW-uitkering in de belastingheffing betrokken en op grond van Verdrag Nederland-Canada de heffing beperkt tot 15% van de bruto bedragen.
De rechtbank stelt voorop dat belanghebbende voor de toepassing van Verdrag Nederland-Verenigde Staten in beginsel als inwoner van de Verenigde Staten kwalificeert. Echter, nu vaststaat dat belanghebbende feitelijk in Canada woont en niet in de Verenigde Staten of Nederland, dient belanghebbende voor de toepassing van Verdrag Verenigde Staten-Canada als inwoner van Canada te worden aangemerkt. Belanghebbende kan daarom geen aanspraak maken op Verdrag Nederland-Verenigde Staten, maar wel op Verdrag Nederland-Canada. De inspecteur heeft bij het bepalen van de verschuldigde inkomstenbelasting dan ook terecht laatstgenoemd verdrag toegepast.
(Beroep ongegrond.)